Medische Informatiekunde De bachelor Medische Informatiekunde leidt de student op tot een academicus die de rol van informatie in de gezondheidszorg kan analyseren en beschrijven. Verder dient de student na het voltooien van de bachelor zelfstandig informatiekundige problemen op te kunnen lossen.

De opleiding kan worden opgesplitst in drie componenten, namelijk een informatiekundige component, een medische component en een zorginformatiecomponent. De informatiekundige component omvat de methoden en technieken uit de informatiekunde die worden toegepast in de gezondheidszorg. De medische component richt zich op de geneeskunde en beschrijft het domein waarop de Medische Informatiekunde zich richt. De zorginformatiecomponent heeft als focus de rol van informatie in de gezondheidszorg.

Het onderwijs wordt steeds voortgebouwd op de kennis en vaardigheden die de student al bezit. Zo wordt in het eerste jaar vooral de basis gelegd door het verwerven van fundamentele kennis en vaardigheden van het vakgebied. In het tweede jaar worden deze kennis en vaardigheden geïntegreerd en concreet toegepast op problemen uit de praktijk van de gezondheidszorg. Het derde en laatste jaar staat in het teken van verdieping en verbreding.

Naast colleges, werkgroepen en practica wordt ook stage gelopen, om de student de kennis en vaardigheden in de praktijk te leren brengen. Zo wordt in het eerste jaar stage gelopen bij de huisarts, en volgen in het tweede jaar twee stages bij afdelingen in het AMC.
Login
Gebruikersnaam:
Wachtwoord:

Registreren | Wachtwoord vergeten?
Agenda

» Meer...